Van het dak (De Dolomieten) via de hak (Puglia) naar Sicilië en terug.
De Grande Giro d’Italia start in Molveno, gelegen aan het Meer van Molveno in de Dolomieten. Vanuit Molveno gaat de route via Veneto naar San Marino, een heel klein landje omsloten door Italië. Dan door Le Marche via havenstad Ancona door Abruzzo naar Puglia (hak van Italië). Van Puglia rijden we door naar Sicilië. Daar kunnen we het vulkaaneiland Stromboli, en of de Etna bezoeken. Vanaf Sicilië rijden we via de Amalfikust, de weg van de duizend bochten via Pompeii, naar Napels. Bij Napels kan je de Vesuvius beklimmen. Daarna door naar Umbrië, Toscane, Emilia Romagna, en Trente. Natuurlijk slaan we de Apennijnen niet over. We eindigen de reis in de Dolomieten.
Dolomieten
Bochten, bochten en passen. De bergketen Dolomieten is een onderdeel van de Italiaanse Alpen en staat bekend om de prachtige natuur en imposante bergtoppen. Met de motor rijd je langs steile rotswanden en kraakheldere meren. Kortom een motordroom bij uitstek.
Veneto
Schrijvers en poëten roemen Veneto om zijn schoonheid. Deze schilderachtige streek ligt in het noordoosten van Italië en wordt gekenmerkt door imposante kunststeden, hoge kerktorens en achttiende eeuwse villa’s. De lagunes en de Po-delta zijn prachtige gebieden.
Le Marche
Le Marche is niet zo’n bekende provincie. Het ligt op dezelfde hoogte als Umbrië en Toscane. Het wordt daarom ook wel het best bewaarde geheim van Italië genoemd. Le Marche ligt ingeklemd tussen de Adriatische kust en de bergketens van de Apennijnen. Le Marche heeft mooie bergdorpjes. Het doet in alles denken aan Toscane, maar hier is het minder toeristisch en echt een gebied waar voornamelijk veel Italianen zelf op vakantie gaan.
Abruzzo
Hoewel de regio Abruzzo nog geen honderd kilometer van Rome vandaan ligt, is deze regio een van de minst bezochte gebieden van Italië, samen met buurregio Molise. Hier ontdek je het echte, ongerepte Italië. Abruzzo, het hoogste gebied van de Apennijnen. De naam Abruzzo zou zijn afgeleid van het Latijnse woord aprutium, ‘land van de zwijnen.
Puglia
Puglia is de hak van de Italiaanse laars: een ongerepte streek met schilderachtige kustplaatsjes, witgewassen bergdorpen, bruingroene valleien met duizenden olijfgaarden, en een heerlijke lokale keuken. Puglia behoort tot de grootste olijvenproducent van het land. Twee producenten hebben zelfs een plekje weten te bemachtigen in de top 10 van beste olijfproducten van de wereld! Naast de olijven staat de Puglia bekend om de wijnen, verschillende bekende wijnnamen komen uit deze regio. Een bezoekje aan de wijn- en olijfgaarden mag dus eigenlijk niet overgeslagen worden tijdens een toer door Puglia.
Sicilië
Het eiland waar sinaasappels en citroenen in overvloed groeien. Op de landkaart is Sicilië te herkennen als de voetbal naast de laars van Italië. Het eiland is het grootste eiland van de Middellandse Zee en net iets kleiner dan België. Met een kustlijn van ruim 1000 kilometer, is het strand in Sicilië nooit ver weg. Uitgestrekte stranden, diepe kloven en hoge bergtoppen domineren het eiland. Met als hoogtepunt de actieve vulkaan Etna en de woeste lavastromen van Stromboli. Dit zijn de mooiste bezienswaardigheden van Sicilië.
Amalfikust
Het mooiste van wat Italië te bieden heeft ontdek je op de motor aan de Amalfikust. De regio in het zuiden van Italië wordt gezien als één van de mooiste kustgebieden ter wereld. En rijdend op de motor over de kronkelige wegen en door de kleurrijke stadjes snap je wel waarom. Bekende badplaatsen als Positano en Amalfi zijn niet voor niks geliefd bij filmsterren die er graag flaneren over de boulevard. De pastelkleurige huizen die tegen rotswanden zijn opgebouwd en de baaien vol zeilschepen is mooi om te zien.
Umbrië
Umbrië is een regio in het midden van Italië en wordt wel het groene hart van Italië genoemd. De glooiende heuvels, vele olijf- en wijngaarden en de mooie middeleeuwse dorpjes en steden maken het tot een waar motorfeest. Een heuvelachtig gebied als Umbrië is gemaakt voor ons motorrijders. Zeker de bochtige wegen met weinig verkeer met veel stijgingen en dalen. Maar als je een keer echt hard wilt rijden met de knieën aan de grond? Maak dan even een uitstapje naar het circuit in Magione, niet ver van Perugia.
Toscane
Glooiende heuvels, kronkelende weggetjes en een okergeel landschap vol pijnbomen, zonnebloemen en cipressen. Schilderachtige dorpen, en eindeloze vergezichten. Historische steden als Florence en Siena. In Toscane vier je een motorvakantie om van te dromen.
Emilia Romagna
Emilia-Romagna is een gastvrije, bruisende en smaakvolle regio tijdens de Grande Giro d’Italia. Al eeuwenlang wordt op het vruchtbare land van de Po-vallei allerlei voedsel geteeld waarmee het hele land gevoed wordt. Verder is de regio het thuis van ’s werelds grootste snelheidsduivels Ferrari, Ducati, Maserati en Lamborghini. Op de achtergrond hoor je de opera’s van Verdi en Pavarotti, die beiden in de regio werden geboren.
Apennijnen
De Apennijnen zijn een langgerekt gebergte in Italië en strekt zich uit over bijna heel het schiereiland. Het noorden en zuiden liggen aan de westkust , maar de rest van het gebergte ligt voornamelijk in het oostelijk deel. De Apennijnen zijn het hoogst in Abruzzen bij de Gran Sasso. De hoogste top is de Carno Grande met een hoogte van 2912 meter.
Programma
1.Aanrijroute: Slenaken – Memmingen (optioneel hotel Memmingen) (3 sept)
2.Aanrijroute: Memmingen – Fai Della Paganelle (optioneel hotel Fai Della Paganelle) (4 sept)
Dag 1 Fai Della Paganella – Pennabilli (5 sept)
Fai ligt op een hoogte van 1030 meter en ligt onder mooie steile rotswanden. Vanuit Fai kijk je zo de diepe vallei in. Vandaag zetten we koers naar Pennabilli. Vanuit Fai rijden we richting het Gardameer. Net voordat je het plaatsje Riva del Garda inrijdt gaan we oostelijk van het Gardameer richting zuiden. We rijden door plaatsjes als Bondeno, Budrio dit plaatsje ligt in de buurt van Bologna, dan door naar Bellaria Igea, een mooi dorpje in het hart van Romagna. vlakbij is de geboorteplaats van de beroemde wielrenner Marco Pantani. Het laatste stuk rijden we langs San Marino naar Pennabilli. Pennabilli is een gezellig klein plaatsje vol sfeervolle straatjes en gebouwen Leuk om het centrum in de avond aan te doen.
Dag 2 Pennabilli-Teramo (6 sept)
We rijden vanuit Pennabilli naar Urbania. Op 35 kilometer zit een tankstation en ernaast zit een heel leuk tentje met heerlijke koffie! Ik zeg doen. Daarna richting Urbania, dit plaatsje ligt in het heuvellandschap van Le Marche. Een levendig stadje met een gezellig middeleeuws centrum. Daarna denderen we door naar Cantiano en weer verder naar Matelica, in dit plaatsje gelegen in de Valle Dell Esino, wordt droge witte wijn gemaakt.DOP verdicchio di Matelica. Voore deze wijn hebben ze de hoogste Italiaanse wijnonderscheiding gekregen. Dan weer door naar Ascoli, een prachtige oude stad in het zuiden van Le Marche, bekend van de hoge torens en grootse pleinen. Maar we moeten door en zetten koers naar Teramo, de laatste 30 km is het genieten geblazen van de duizenden bochten. Het oude centrum van Teramo is dichtbij het hotel. Zeker in de avond is dat te voet een bezoek waard na een dag zitten op de motor.
Dag 3 Teramo – San Severo (7 sept)
Vanuit Teramo rijden we alras naar Penne, hier boenderen we vlot doorheen, daarna komt Chieti in beeld, een van de oudste steden van Abruzzo. Het centrum ligt op een honderdenvierenveertig meter hoog plateau, van sommige plekken heb je uitzicht op de Adriatische zee. We gaan verder en rijden door plaatsjes als Montazzoli en Torrebruna. Dan volgt Larino, dit plaatsje ligt in de regio Molise. Larino ligt in de vruchtbare vallei van de rivier Biferno. Dit middeleeuwse plaatsje wordt omringd door olijf boomgaarden. Na Larino komen we al snel aan in San Severo. Het hotel ligt net buiten de stad. Dus het centrum zullen we naar alle waarschijnlijkheid niet bezeoeken. Het centrum van het middeleeuwse San Severo staat vol barokke gebouwen.
Let op: De laatste 120 km van de route is er bijna geen restaurantje te vinden. Dus zorg voor water en iets te eten mee te nemen.
Dag 4 San Severo -Rossano Stazione (8 sept)
We laten San Severo achter ons. De eerste stukken gaan over provinciale rechte wegen. We rijden om de plaats Foggia heen naar Candela (Foggia- Candela 19 km). We rijden zoveel als mogelijk over de SS 93 naar Potenza daarna de SS 92. Je komt uit in Pietrapertosa, met uitzicht op het plaatsje Castelmezzano. Dit zijn de twee hoogst gelegen en mooiste dorpjes van Italië. In Pietrapertosa kan je genieten van prachtige imposante uitzichten op de bergen en op Castelmezzone. Daar zit ook een heel gezellig klein koffietentje waar je een pizzaatje of croissant kan verorberen: Gvnine Bistro. Dan door naar Cirigliona met hele kleine smalle weggetjes en heel veel bochten. Ook af en toe een stukje grindweg wat, rustig aan, makkelijk te doen is. Ongeveer 70 km voor het eindpunt zit een leuk restaurantje in Oriolo: Il Cantuccio. Het laatste grote stuk gaat over de SS106, met aan de linkerzijde de Ionische Zee. Al snel kom je aan in het hotel. Tenuta Ciminata Greco. Hier kan je genieten van de natuur tussen de olijfboomgaarden.
Dag 4-S San Severo- Rossano Stazione (8 sept) gaat door magisch Matera. Zoals de auteur Carlo Levi het omschreef: ‘niemand die Matera ziet kan onaangedaan blijven, zo expressief en aandoenlijk is haar pijnlijke schoonheid’. Matera is beroemd om de zogenaamde Sassi, grotwoningen. Maar kijk anders eens verder op google.
Dag 5 Rosanno Statione -Siderno (9 sept)
Vanuit het mooie landelijk gelegen hotel net buiten Rosanno beginnen we aan de bochtenparade en al snel zie je hoog op de bergen prachrige dorpjes liggen. De wegen zijn niet allemaal glad, integendeel zelfs, aardverschuivingen en enorme regenval heeft het asfalt gebroken, dan weer stukken met grind en dan weer onregelmatig wegdek. Best spannend. Maar de uitzichten zijn fraai. Als snel rijd je na 30 km het plaatsje Cropalati binnen, voor je het weet rijd je er weer uit. De droge rivierbeddingen zijn daar enorm breed. Dan over de SP201 naar Caloveto, dan weer door naar het in Calabrië gelegen Campana. Verder gaat het naar S.Giovanni in Fiore. Na Cerenzia op zo’n 120 km nemen de bochten af en ga je over in langlopende bochten, het gas kan er weer op. Daarna ga je de komende 100 km over de SS106 langs de kust en zijn de wegen misschien wel wat saai maar kan je uitrusten van de vele bochten vandaag. We overnachten in Siderno.
Dag 6 Siderno – Palermo 348 km (10 sept)
Siderno achterlatend zetten we koers naar Sicilië, dit eiland van Italië heeft een grootte van 2/3 van Nederland en heeft 5 miljoen inwoners. Maar eerst rijden we van Siderno richting Rosarno. Om tijd te winnen, anders wordt het een heel lange dag, nemen we vanaf Rosarno de A2 naar Villa San Giovanni. Hier nemen we de boot naar Messina. SoFun Motortoers betaalt de overtocht! Misschien handig om een tijd af te spreken voordat we de boot opgaan. Eenmaal op de Ferry is het ongeveer 30 minuten varen voordat je aankomt in Messina. In Messina nemen we de A2 richting Palermo. Bij Patti gaan we de snelweg af en nemen we de kustweg de SS113. Daar kan je genieten van een enorm bochtenfeest, het houdt maar niet op, met prachtige vergezichten op de Tyrreense Zee. We rijden ook nog langs Cefalu, een van de mooiste plaatsjes van Sicilië, het centrum is een koffiestop waard, als je nog tijd over hebt. In Cefalu is de film Cinema Paradiso opgenomen(1988). . Na Cefalu is een mooi fotopunt om een foto te maken van Cefalu tegen de rotsen. Op Sicilië is de film De Godfather opgenomen (1972). Dan door naar Santo Stefano Di Camastra, dit plaatsje staat bekend om zijn keramiek. In dit dorpje zie je overal keramiekwinkeltjes.
Dag 7 Palermo – Geraci Siculo (11 sept)
Vanuit Palermo rijden we richting Monneale. Wil je nog wat hectiek meekrijgen rijd dan even een stukje Palermo binnen. De kleine straatjes en drukte maken dat ritje spannend. Doe je dat niet dan rijd je gelijk richting Monneale. De eerste stukken zijn best druk en je rijdt door de bebouwing van omliggende wijken van Palermo, maar daarna ga je heuvelen en bochten draaien. Daarna bij Giacalone een stukje provinciale weg. Bij de afslag Altofonde sla je af en rijd je binnendoor verder naar Altofonde. Daar is het even manoeuvreren door de kleine straatjes, leuk om daar een koffietje te doen. Na de stop weer verder richting Carleone en verder bij Godrano rijd je door een bosrijk gebied.
Tip: bij supermarkt MD in Contrada Ponte Rosso kan je wat broodjes en tomaten kopen. Dan een stuk doorrijden tot je aan je rechterhand in de bossen een prachtige picknickplaats ziet liggen met heel veel tafels. Echt doen! Daarna weer door naar Vicari en Alia, leuk voor een drankje en dan weer door naar Geraci Siculo, waar ons hotel op een hoogte van 1100 meter ligt.
Dag 8 Geraci Siculo – Linguaglossa (12 sept)
Na het ontbijt gaan we op pad. We rijden langs het centrum van het prachtige plaatsje Geraci, net erbuiten kan je tanken. Dan gaat het richting Castel. Op een gegeven moment rijd je op de Targa, was vroeger een autorace voor sportwagens dat plaatsvond op een stratencircuit in Sicilië. In 1977 werd de race vervangen door een rally, de Targa Florio Rally. Verder gaan we via het gezellige plaatsje Castelbuono richting kust. Daar nemen we de SS113 maar nu in tegengestelde richting naar het plaatsje Finale. Bij Santo Stefano di Camastra, verlaten we de kust en duiken we via een imposante brug het binnenland in. Slingerend en nog eens slingerend op weg naar de Etna. De hoogte van deze vulkaan is 3357 meter hoog. De Stromboli en de Etna zijn de actiefste vulkanen van Europa. Met dagelijkse uitbarstingen. Vandaag rijden wij tot op grote hoogte om de Etna heen. Je ziet enorme vlaktes met lavagesteente, tot gebieden waar het groen weer begint te groeien. Heel imposant. Na dit natuurgeweld rijden we naar ons overnachtingshotel in Linguaglossa.
Dag 9 Linguaglossa – Polistena (13 sept)
Van Linguaglossa richting Castiglione dir Sicilia vervolgens de SS 186 richting kust. Maar de SS186 is op 5 juni afgesloten, zal dat in september nog zo zijn? Dus de SS120 naar Randazzo. Dit plaatsje ligt aan de noordoostelijke flank van de Etna, bijgenaamd Citta Nera (De zwarte stad). De hele stad is gebouwd met donkere lavasteen, straten, gevels, muren zitbanken etc. Na Randozza nemen wij de SS116 naar de kust en dan de SS 113. Uiteindelijk een stuk A2 naar Messina. Daar nemen we de boot naar Villa S. Giovanni. Op het vasteland gaan we verder via Laganadi, Santo Stefano in Apspromonte en komen uit in Gambarie, dat ligt op een hoogte van 1450 meter en is in de winter een skigebied. Het laatste stuk rijden we over de SS 183 naar Polistena in Calabrië. De kerk aan de overkant van het hotel is een bezoekje waard. Maar tijdens de rustdag kan je in dit plaatsje heerlijk rondstruinen.
10 Polistena Rustdag (14 sept)
Een wandeling door het historische centrum van Polistena miet je zeker doen. Je kan er genieten van goede koffie. De tavernes in het centrum maken typische lokale gerechten zoals vis bouillon, Calabrische hapjes voorgerechten zoals de stroncatura/ pastaschotel. Maar niet alleen kan je er terecht om wat te eten. Er zijn velen monumenten, zoals het stadsmuseum en de talrijke kerken.
De Kerk van St.Anna, gelegen op een oude hermitische Braziliaanse grot, is deze kerk het oudste gebouw in Polistena. Juist omdat het ongedeerd bleef tijdens de aardbeving van 1783.
Dag 11 Polistena – Cosenza (15 sept)
Vandaag rijden, of beter slingeren we door bossen en passen. Vanaf de start zetten we koers naar het bergplaatsje Fabrizia, dit plaatsje ligt in de bergketen van de Serre Calabresi die begint bij de Limina-pas, het smalste punt van Italië, waar 35 km tussen de Tyrreense Zee en Ionische Zee zit. Fabrizia is het enige dorp van de Serre Calabresi met uitzicht op de Ionische Zee. Wel goed even naar rechts kijken! Dan weer via Serra San Bruno en Cardinale naar Amaroni en weer door naar Soveria Mannelli. Hier kan je in het kleine centrum een koffiestop doen. Daarna gaat het via Carpanzano naar Cosenza. Deze plaats ligt centraal in Calabrië. Het kenmerk van deze stad is het grote kasteel dat boven de stad uitrijst. De stad is gebouwd op 7 heuvels. Of wij tijd hebben om de stad in te gaan is nog maar de vraag.
Dag 12 Cosenza – Ceraso (kustweg) (16 sept)
Inpakken en wegwezen. Vandaag nemen we de route die je een stuk langs de kust voert. Je rijdt binnendoor naar San Fili en later weer door naar Paola, daar ga je verder langs de kust. De kustweg heeft niet zoveel bochten in zich zodat je het even rustiger aan kunt doen. Maar echt leuk kunnen we de route niet noemen. Zeg maar wat saai. Bij La Bruca verlaten we de kustweg en dan gaat het slingerwerk beginnen. Houd wel in de gaten dat er niet veel koffiepunten op de route zijn, zeker niet in het gedeelte nadat je de kustweg hebt verlaten. En zie je ze wel , dan zijn ze vaak gesloten i.v.m. Riposa (zeg maar Siësta). Wij hebben een koffiestop gevonden in Nemoli, Restaurant L’Orchidea. Door al dat bochtenwerk ligt je gemiddelde snelheid niet hoog. Maar dat hoeft ook niet. Uiteindelijk kom je aan in Agriturismo Petrosa waar we de nacht doorbrengen. Het laatste stuk door een weiland staat niet op de TomTom.
Dag 13 Ceraso – Pompei (17 sept)
Vandaag een stevige route. De route gaat heel veel binnendoor en door de bergen. Wil je het vandaag wat rustiger aan doen. Dan zou je bij Comune de binnendoor route even laten voor wattie is en de SS18 Var nemen naar Battipaglia. Is ook mooi en schiet even wat meer op. Bij Pattibaglia zou je de route weer kunnen oppakken. Na Salerno wordt het echt genieten geblazen. Dan rijd je langs de Amalfi kust. De Amalfitaanse kust is een mooie slingerende weg met uitzichten op de Golf van Salerno. Maar toen wij er waren, op een zaterdag, was het enorm druk, scooters, motorfietsen een gekkenhuis. Maar als wij er zijn is het Prinsjesdag dus een doordeweekse dag. En dat scheelt dan kunnen wij er bochten draaien. Als we dat gedaan hebben eindigen wij in Pompei, deze plaats ligt dicht bij Napels en aan de voet van de Vesuvius. Wil je de Vesuvius bezoeken dan kan je met de motor de borden volgen Vesuvius. Is nog wel iets van 24 km. De laatste 500 meter moet je wel even de benenwagen nemen. De ingang van Pompei ligt 300 meter van het hotel. Hangt ervan of en wat je wilt bezoeken: Piazza Anfiteatro of Piazza Esedra.
Dag 14 Pompei- Pescasseroli (18 sept)
Als je gister niet naar de Vesuvius geweest bent zou je vandaag vroeg kunnen gaan. We rijdens binnendoor naar de Vesuvius, en als je dat hebt gedaan rijden we daarvandaan naar de A1 (tolroute). Immers het hele gebied rond Napels is een verstedelijkt gebied wat niet leuk rijden is. Althans niet voor langere tijd. Rijdend op de A1 ga je bij Sante Maria Capua Vetere de snelweg verlaten en pak je de route weer op. Daar beginnen we weer te slingeren en te zwieren. Na het plaatsje San Salvatore Telesino krijg je aan je rechterhand een grote delicatessezaak met heerlijke koffie en taarten, naam: Della Minerva. Na deze stop rijden we weer verder en zien we aan onze rechterhand Lago del Matese gelegen aan de voet van de berg Miletto (2050 meter). Sowieso een heel mooi gebied. Na een stevig stuk kom je aan in het plaatsje Alfeneda. Bij het maken van een bocht zie je daar een tentje op de hoek, waar veel motorrijders een versnapering nemen. Na dit stoppie gaan we weer door en kom je uit bij het Hotel in Pescasseroli. Pescasseroli is de berenhoofdstad van Italië. Er zwerven daar zo´n 60 tot 70 bruine beren rond.
Dag 15 Pescasseroli – Cascia (19 sept)
Al snel duiken we het Parco Nazionale Abruzzo binnen. Een gebied met wolven en beren. Wat is het daar prachtig. Ook de wegen er doorheen verlopen vlot met prachtige uitzichten. De Abruzzen wordt wel het ruige hart van Italië genoemd. Hier ligt ook een deel van de Apennijnen. We tuffen richting L’aquila, de hoofdstad van de Abruzzen. Daarna rijden we verder via plaatsjes als Crognaleto, Cortino en Martesi, Valle Castellana. Uiteindelijk kom je aan in Cascia. Deze gemeente ligt in Perugia. Ons hotel ligt bij de kerk. De kerk van de Heilige Rita is een bedevaartsoord. Pas op voor de bedevaartgangers!
Dag 16 Cascia – Caprese Michelangelo (20 sept)
Via Valtopino kom je uit in het middeleeuwse stadje Gubbio. Het plaatsje is een doolhof van steegjes, trappen en huizen, wil je naar boven dan is het klimmen geblazen want de straatjes gaan steil omhoog. De blokken kalksteen waaruit Gubbio is opgebouwd geeft de stad de bijnaam grijze stad. We gaan weer verder via Citta di Castello een charmant stadje 50 km ten noorden van Perugia rijden we naar Sanse Polcro, een middeleeuwse stad in Toscane. Daarna is het niet ver meer naar het kleine plaatsje Caprese, alwaar we in een bijzonder hotel overnachten, naast het geboortehuis van kunstenaar Michelangelo. Ernaast nog een leuk museumpje.
Dag 17.Caprese Michelangelo– Castel Vetrodi Modena (21 sept)
Vanuit het hotel gaat het gelijk weer beginnen, mooi landschap en aardig wat tournantes en plaatsjes als Bibbiena, in dit stadje huist de St.Lorenzo kerk en op slechts 2 kilometer afstand ligt het prachtige klooster San Maria de Sasso. We gaan weer verder en komen uit in het mooie stadje Barberino di Mugello met vlakbij het Bilancino Meer en het Villanova kasteel. Dan weer verder naar Vergato, Guiglia. Dan langs Vignola naar Castel Vetro di Modena. Het hotel ligt op korte afstand van het boven gelegen kasteel, waar je ook nog eens heerlijk kunt avondeten. Dit plaatsje ligt op korte afstand van Maranello, hier vind je enkele van de mooiste automusea van Italië, Het Ferrari/museum en het museum van Lamborghini. Als je die morgen wilt bezoeken kan je het beste vroeg opstaan.
Terugrijroute 1 Castel Vetrodi Modena- Molveno (optioneel hotel in Molveno) (22 sept)
We gaan snel uit de startblokken en rijden vanuit Modena naar het dorpje Molveno. Een mooi en charmant Italiaans bergdorp. Het meer maakt deel uit van het Natuurpark Adamello Brenta. Maar we gaan en route en zetten vanuit Modena koers naar het Gardameer. We rijden langs de oostkant van zuid naar noord over de S 249 van Casello di Peschiera naar Riva del Garda. Als we het Gardameer hebben verlaten gaan we verder noordwaarts en rijden door naar het meer van Molveno, daar rijd je over een heerlijke slingerdeslangweg langs de oostkant van het meer naar Molveno. Waar we worden ontvangen door Maurice en Karen van het hotel in Molveno.
Terugrijroute 1 Castel Vetrodi Modena- Molveno (optioneel hotel in Molveno) (22 sept)
We gaan snel uit de startblokken en rijden vanuit Modena naar het dorpje Molveno. Een mooi en charmant Italiaans bergdorp. Het meer maakt deel uit van het Natuurpark Adamello Brenta. Maar we gaan en route en zetten vanuit Modena koers naar het Gardameer. We rijden langs de oostkant van zuid naar noord over de S 249 van Casello di Peschiera naar Riva del Garda. Als we het Gardameer hebben verlaten gaan we verder noordwaarts en rijden door naar het meer van Molveno, daar rijd je over een heerlijke slingerdeslangweg langs de oostkant van het meer naar Molveno. Waar we worden ontvangen door Maurice en Karen van het hotel in Molveno.
Terugrijroute 2 Molveno – Germersheim (optioneel hotel Germersheim) (23 sept)
Terugrijroute 3 Germersheim – Slenaken en naar huis (24 sept)

